Overwegingen/checklist 'belemmeringen tijdens assessment'

Download deze checklist als pdf

Doel en gebruik van deze checklist

Deze checklist biedt de assessmentpsycholoog een overzicht van aandachtspunten die een rol spelen bij het assessen van mensen die een (direct zichtbare of onzichtbare) belemmering hebben die van invloed kan zijn op inrichting en/of resultaten van het assessment. Deze checklist is nadrukkelijk geen beslissingstool die aangeeft wat de assessmentpsycholoog moet doen. Daarvoor is het aantal mogelijke belemmeringen te groot, verschilt de impact van de belemmeringen te veel van persoon tot persoon en is er ook een te grote variatie in effecten die de belemmering kan hebben op het toekomstig functioneren in de praktijk. De assessmentpsycholoog zal (in verreweg de meeste gevallen) geen deskundige zijn op het terrein van de belemmering maar dient zich wel bewust te zijn van het effect daarvan op en de mogelijke consequentie voor de assessmentprestatie. Daartoe is het van belang te beschikken over de relevante informatie op basis waarvan een aantal keuzes rond de afname van het assessment gemaakt kunnen worden. De assessmentpsycholoog blijft altijd zelf verantwoordelijk voor het maken van een professionele afweging. Echter wanneer zich een dergelijke situatie voordoet, kan deze checklist ondersteuning bieden bij het nemen van goede beslissingen ten aanzien van de inrichting en uitkomsten van het assessment.

We gebruiken bewust de algemene term belemmering. Daaronder kunnen zowel primair fysieke belemmeringen, als slechtziendheid of problemen met de fijne motoriek om de PC te bedienen, als primair psychologische belemmeringen, als dyslexie of concentratiestoornissen e.d., vallen.

Het gaat om de keuze of het assessment afgenomen kan worden, hoe het assessment ingericht moet worden (instrumentarium en de wijze van inzet daarvan), het effect op de uitkomsten en de vergelijkbaarheid met anderen en of en op welke wijze de belemmering in de rapportage aan bod komt.
In feite gaat het onderliggend om de afweging van de kans op fouten van de eerste soort en fouten van de tweede soort; een onterecht aannemen / positief adviseren of onterecht afwijzen / negatief adviseren.

  • De eerste soort fouten. Overweeg de gevolgen van onterecht aannemen voor de deelnemer en de organisatie en ook de mogelijke gevolgen dat een andere deelnemer de geboden kansen van het aangepaste assessment niet krijgt.
  • De tweede soort fouten. Naast maatschappelijke overwegingen, bij een fout van de tweede soort krijgt talent onverdiend geen kans, is ook de selectieratio van belang; zijn er voldoende alternatieven /andere deelnemers zodat een fout van de tweede soort acceptabel is.

Checklist

Graag geven we aan de hand van de elementen van het assessmentproces aan welke aandachtspunten een rol kunnen spelen/ welke vragen de assessmentpsycholoog zichzelf kan stellen voor het maken van een goede afweging over opzet en interpretatie van de uitkomsten.

Twee basisnormen

Deze normen zijn onderliggend altijd van belang in de beoordeling van de situatie van de deelnemer.

  • Informed consent. De deelnemer moet instemmen met de aanpak van het assessment waarbij de assessmentpsycholoog zich ervan vergewist dat de deelnemer de consequenties daarvan kan overzien.
  • Adverse impact In hoeverre benadeelt de gebruikte assessmentmethode individuele deelnemers van een bepaald ras, etnische achtergrond, sekse of belemmering met gelijke geschiktheid? Maar ook: in hoeverre heeft het rekening houden met belemmeringen gevolgen voor de kansen van mogelijke andere deelnemers?

Elementen in het assessmentproces

1. Hoe ben ik als assessor geïnformeerd over de belemmering?

1a Informatie vooraf

  • Ik ben vooraf door de opdrachtgever geïnformeerd.
  • Ik heb de deelnemer ervan op de hoogte gebracht dat ik geïnformeerd ben.
  • Ik ben vooraf door de deelnemer geïnformeerd over omstandigheden die het assessment kunnen beïnvloeden.
  • Ik heb vooraf bij de deelnemer geïnformeerd naar mogelijke belemmeringen.

1b Informatie tijdens assessment

  • Ik ben door de deelnemer tijdens het assessment geïnformeerd, bijvoorbeeld als mogelijke verklaring van bepaalde uitkomsten.
  • Ik heb op basis van uitkomsten of gedragingen tijdens het assessment actief bij de deelnemer vragen gesteld over een mogelijke belemmering.
  • Ik ben tijdens de assessmentprocedure door derden (bijvoorbeeld referenten) geïnformeerd over de  belemmering.
  • Ik heb de deelnemer daarvan op de hoogte gebracht.

2. Wat is de aard van de belemmering?

  • Ik (en daarmee anderen) kunnen de belemmering waarnemen.
  • Ik (en daarmee anderen) kunnen de belemmering niet waarnemen.
  • Ik heb van de deelnemer informatie gekregen over de prognose van de belemmering; neemt de ernst en daarmee de gevolgen voor het functioneren wellicht toe of af?
  • Ik ben deskundig om de gevolgen van de belemmering voor het functioneren te kunnen beoordelen.
  • Ik heb een officiële verklaring ontvangen over de belemmering, bijvoorbeeld een dyslexieverklaring.
  • Ik heb aan de deelnemer (en daarna aan de opdrachtgever) voorgesteld om deskundig advies in te winnen.

3. Wat zijn de gevolgen van de belemmering voor (onderdelen van) het functioneren?

  • Ik heb geconstateerd dat de belemmering ertoe leidt dat bepaalde taken niet kunnen worden uitgevoerd door de deelnemer.
  • Ik heb mij ervan vergewist dat er voldoende acceptatie van de belemmering door de werkomgeving zal zijn.
  • Ik heb inzicht in de mogelijkheden voor job crafting in de werkomgeving.

4. Wat is de consequentie voor het assessmentprogramma?

  • Ik heb kritisch gekeken naar de relatie tussen de functie en de wijze waarop ieder instrument wordt ingezet. Bijvoorbeeld tijdsdruk bij het meten van analytische vaardigheden; dit speelt bij beurshandelaren immers een andere rol dan bij technisch ontwerpers.
  • Ik heb ervoor gekozen de randvoorwaarden aan te passen, bijvoorbeeld meer tijd geven bij capaciteitentesten en de voorbereiding van simulaties. Ik heb daarbij overwogen dat de resultaten van met name capaciteitentesten er gemiddeld op vooruit gaan als er meer tijd geboden wordt. Echter, de gedachte dat ieder onder exact dezelfde voorwaarden moet presteren staat onder druk, zie bijvoorbeeld de maatschappelijke acceptatie van meer tijd voor dyslectici bij examens.
  • Ik heb ervoor gekozen om andere instrumenten in te zetten. Daarbij heb ik de gevolgen voor normering en vergelijkbaarheid van scores tussen deelnemers overwogen en daarin een keus gemaakt. Bij de inzet van een ander instrument is over de relatie tussen de prestaties op verschillende instrumenten weinig met zekerheid te zeggen.

5. Wat is het effect op besluitvorming en rapportage?

  • Ik heb (tijdig) overleg gevoerd met een collega over mijn keuzes.
  • Ik heb met de deelnemer besproken of de aard van de belemmering expliciet vermeld kan of mag worden.
  • Ik heb de aard van de belemmering, gelet op de impact daarvan op doel en uitkomst van het assessment, expliciet vermeld.
  • Ik heb een eventueel deskundigenoordeel over de concrete belemmering van deze deelnemer ontvangen en verwerkt in mijn rapportage.
  • Ik heb eventuele aanpassingen in het assessmentprogramma expliciet vermeld.
  • Ik heb aangegeven wat de invloed van de belemmering op mijn advies is.
  • Ik heb de consequenties van de belemmering voor het functioneren / de mate van geschiktheid expliciet vermeld.
  • Ik heb aangegeven wat de gevolgen en (ontwikkel)adviezen zijn, zowel voor de deelnemer als voor de werkomgeving.

Reacties en best practices.
Alles over Assessments beoogt met dit document de verzamelde kennis en ervaringen naar aanleiding van de sessie Omgaan met bijzondere omstandigheden tijdens het assessment van 23 september jl. te vertalen naar handreikingen voor de assessmentpraktijk. Wellicht hebt u relevante suggesties, ervaringen of best practices op dit vlak. Wij horen/lezen deze graag, zodat we onze kennis op dit terrein gezamenlijk verder kunnen vergroten. Ga naar onze LinkedIn-groepspagina om een reactie achter te laten of neem contact op via info@allesoverassessments.nl